Contract (Contract)

Een vrijwillige overeenkomst die het eigenaarschap van iets schaars van de ene handelende op de andere overdraagt, nu of onder een gestelde voorwaarde. Een contract verplaatst eigendom; het bindt de wil niet. Een belofte op zichzelf schept geen verplichting, hoezeer een ander er ook op vertrouwde. Woorden, handelwijze en de omstandigheden van een afspraak kunnen alle laten zien dat de rechtstitel is overgegaan, waar dat is wat zij betekenen; geen bepaalde bewoording is vereist, en geen enkele is verboden. Een contract is afdwingbaar omdat het eigenaarschap al is overgegaan: het ding behoort nu aan de ontvanger, en een houder die het achterhoudt pleegt diefstal. Overdrachten mogen wachten op een voorwaarde — betaling bij levering, een boete bij falen, onderpand bij verzuim — en de partijen mogen elke voorwaarde stellen waarmee zij beiden instemmen. Waar de voorwaarde zich niet heeft voorgedaan, is er geen rechtstitel overgegaan, en heeft niemand een aanspraak. Arbeid kan niet op deze manier worden overgedragen, omdat de wil onder zelfeigendom onvervreemdbaar is. Een contract voor een dienst draagt daarom geld over bij uitvoering, nooit de persoon; een handelende die niet uitvoert, verdient het eenvoudig niet.